Menu

Station Wognum Nibbixwoud

Het stationsgebouw van Wognum-Nibbixwoud is een van de acht (van de oorspronkelijk tien) nog bestaande stationsgebouwen aan de lokaalspoorlijn Hoorn-Medemblik. Het is een goed voorbeeld van een plattelandsstation, zoals er in Nederland honderden hebben gestaan. Het karakteristieke gebouw bestaat uit twee delen; een dienstwoning voor de haltechef en zijn gezin en een chefskantoor met wachtruimte voor de reizigers. Daarnaast is er een vrijstaand retirade-gebouw aanwezig.

Lees verder…

Geschiedenis

Alle stationsgebouwen tussen Hoorn en Medemblik zijn gelijk met de lokaalspoorweg in 1887 opgeleverd. Ze zijn gebouwd naar een ontwerp van architect Krieger voor de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij (HSM). In 1898 werd vanuit Wognum de stoomtramlijn naar Schagen geopend. Eerst geëxploiteerd door een particuliere maatschappij (de SMWF, Stoomtramweg Maatschappij West-Friesland) maar later door de HIJSM. Wognum-Nibbixwoud werd aldus een overstapstation. Dit blijft zo tot de opheffing van de lijn naar Schagen in 1930. Het station blijft daarna nog in gebruik tot aan de opheffing van het reizigersvervoer tussen Hoorn en Medemblik in 1935. Vandaag de dag zijn de gebouwen in Zwaag, Wognum-Nibbixwoud, Benningbroek-Sijbekarspel, Abbekerk-Lambertschaag, Twisk, Opperdoes en Medemblik nog aanwezig. In Zwaagdijk staat nog een wachterswoning bij de overweg. De wachterswoning te Westerblokker is verdwenen, evenals het stationsgebouw van Midwoud-Oostwoud.

Museale informatie

De stationsgebouwen te Wognum-Nibbixwoud, Twisk, Opperdoes en Medemblik zijn in eigendom verworven door de Museumstoomtram en staan onder (provinciale) Monumentenzorg. Bij een modernisering in 1924 kregen de stations onder meer een keukenaanbouw en een houten goederenloods. In deze toestand is het station in 2001 in het kader van een leer/werkproject gerestaureerd en door de Museumstoomtram weer in gebruik genomen als functionerend station met woning.
De gebouwen hebben een wachtkamer, een kantoor voor de dienstdoende haltechef, een loods voor het goederenvervoer en een retirade (toiletgebouwtje). Ieder station heeft daarbij zijn eigen kenmerken. De beschildering van iedere wachtkamer varieert van houtimitatie tot diverse tinten groen en vertegenwoordigt daarmee een bepaalde periode uit de geschiedenis van het gebouw. De perrons, zijsporen en verdere inrichting van de stationsomgeving zijn in de toestand anno 1926 teruggebracht. Daarbij is het goederenperron te Wognum voorzien van een (handbediend) hijskraantje, waarmee zware stukgoederen in en uit goederenwagens geladen kunnen worden. Het zijspoor (spoor 3) langs het goederenperron is aangelegd in een bed van zand, met spoorstaven die door middel van spijkers op de dwarsliggers zijn bevestigd. Op deze wijze werd (licht) spoor aangelegd in de beginjaren van de spoorwegbouw in Nederland. Het stationsgebouw van Wognum is tevens voorzien van een brievenbus, die door de op de trams meereizende postconducteurs regelmatig werd geleegd. Heden ten dage gebeurt dat bij de Museumstoomtram nog steeds!

ontdek meer