Menu

Personenrijtuig AB334 van de Rotterdamsche Tramweg-Maatschappij (RTM)

Houten personenrijtuig op twee draaistellen.
Het in 1898 door fabrikant La Métallurgique geleverde rijtuig AB334 behoort tot de eerste serie van 10 stuks (AB 326-335) die de Rotterdamsche Tramweg Maatschappij ( RTM) daar bestelde en kan in feite beschouwd worden als het prototype van het “standaard type stoomtram rijtuig” van de Nederlandse tramwegen.

Deze serie was de eerste, besteld ten behoeve van de stoomtramlijnen ten zuiden van Rotterdam. Deze protoserie groeide uiteindelijk uit tot een groot aantal rijtuigen van een gewijzigde versie ten opzichte van een, als door de Tweede Noord-Hollandsche Tramweg Maatschappij (TNHT) geïntroduceerd, model.

Lees verder…


In afwijking van die van de TNHT, waren bij de RTM rijtuigen de zijwanden recht en bekleed met houten schroten en de balkons gesloten. De oudste rijtuigen waren oorspronkelijk uitgerust met bekerkoppelingen. In 1900 werd op het “eilandennet” de Vicinaux-koppeling ingevoerd.

Op een achttal eersteklasserijtuigen na heeft de RTM alle rijtuigen voor haar “eilandennet” volgens dit ontwerp laten bouwen. De afleveringen liepen ongeveer parallel met de opening der opeenvolgende lijnen

Na de eerste serie van tien stuks, werden andere draaistellen toegepast, waardoor de volgende rijtuigen hoger stonden en de AB334 dus wat lager toont. Bij de latere leveringen hadden de rijtuigen een wiegbalk. Bij de AB326-AB335 rustte die op schroefveren binnen het draaistelraam. Daarna werd een andere constructie gekozen met bladveren die iets naar buiten uitstaken. Rond 1920 werden draaistellen met schroefveren vervangen door gewijzigde, conform de laatste leveringen.

De AB 326-335 behielden echter hun lage wiegbalkloze draaistellen. Bij deze rijtuigen werden rond 1920 de draaideuren van de balkons vervangen door schuifdeuren, zoals de andere rijtuigen hadden.

Het aantal zitplaatsen werd in de rijtuigen AB 326-387 gesteld op 14 eerste klasse en 29 tweede.

Geschiedenis
1898Gebouwd door La Metallurgique -België, smalspoor 1067 mm 
1898-1949In dienst als personenrijtuig, deed tot 1949 vanuit Rotterdam dienst op de Zuid-Hollandse eilanden. 
1949Verkocht, werd tot 1955 douane kantoortje in Gelderland. 
1955

Bak staat op de Bakkersweg te Maarsbergen. Werd verhuurd aan een losarbeider. Deze had een huurcontract tot 1962, daarna moest de bak weg. Tijdens restauratie is het huurcontract van de periode in Maarsbergen gevonden. 

1962

Bak gaat naar Rijswijk (Gld), aanvankelijk als woning, later werd hij gebruikt voor opslag van auto-onderdelen van garagebedrijf Van Os. 

1996Bak geruild voor twee zeecontainers en overgebracht naar opslag Museumstoomtram in Beverwijk.
1998Overgebracht naar opslag in Zwaag, later Hoorn
2011Bak geheel gedemonteerd, aanvang restauratie. 
2015Op 27 maart 2015 is het rijtuig rijvaardig opgeleverd en op 14 mei (Hemelvaartsdag) in dienst genomen.
Verdere bijzonderheden
Cultuurhistorische waardering

B-status: Het rijtuig is een attractief onderdeel van de collectie door zijn opmerkelijkegeschiedenis als oudste representant van het Métallurgique rijtuigtype bekleed metschroten en voorzien van gesloten balkons. 

Bouwjaar1898
Gebouwd doorLa Métallurgique
Eigendom vanMuseumstoomtram.
Staat van objectDienstvaardig
Lengte over buffers13800 mm
Breedte zonder richels2100 mm
Hoogte v.h. dak, zonder uitsteeksels2985 mm
SpoorbreedteOorspronkelijk 1067 mm, bij de Museumstoomtram 1435 mm
Aantal vaste zitplaatsen14 eerste klasse (A), 29 tweede klasse (B)
Aantal vaste staanplaatsen24
Totaal aantal plaatsen67

ontdek meer